Predikant

preken(vrije stof)
preken(catechismus)

Musicus

cv
concertagenda
cds
Composities
Diversen
Contact
Predikant > Preek lezen > Dan zijn de kinderen dus vrijgesteld
titel : Dan zijn de kinderen dus vrijgesteld
datum : 22 september 2019
volledige onderwerp : MatteŁs 17 : 26b
Download deze preek.

Preek over Mat.17,26b (Den Ham, 22-9-19)

Votum en groet
GK 116:1,2,3 (God heb ik lief, want die getrouwe Heer)
10 geboden
Opw.770 (Ik zal er zijn)
Gebed
Doopformulier (UGL)
• LB 348:1-5 (Heer van uw kerk) (na Doopgebed)
• Sela ‘Zegen voor de kinderen’ (na doop van Romy Nijkamp en Hidde Prijs)
L Ex.30,11-16
L Mat.17,22-18,14
GK 160 (Laat de kinderen tot Mij komen)
T Mat.17,26b: ‘Dan zijn de kinderen dus vrijgesteld’
Preek
LB 157a (Mijn ziel maakt groot de Heer)
Dankzegging en voorbede, uitlopend op
LB 1006 (Onze Vader in de hemel)
Collecte
LB 871 (Jezus zal heersen waar de zon)
Zegen

Gemeente van de Here Jezus,

[ppt] Weet iemand bij welk verhaal dit beeld gemaakt is? […] Het vrouwtje van Stavoren! Ze stuurt een schip de wereld over om voor haar het meest kostbare te halen dat ze kunnen vinden. Maar als het schip terugkeert met een lading graan, wordt ze boos. “Gooi die troep meteen maar weer overboord”. Een arme man waarschuwt haar: “Als u zelf straatarm geworden bent, zult u hier nog spijt van krijgen”. Maar het vrouwtje van Stavoren lacht hem uit. Ze rukt een gouden ring van haar vinger af en smijt de ring ook in zee. “Zomin als deze ring uit de zee terugkeert, zomin zal ik tot de bedelstaf vervallen”. Maar een paar dagen later vindt een keukenmeid de ring terug in een vis die ze voor haar meesteres aan het bereiden is. Die vondst is voor het vrouwtje van Stavoren het begin van het einde. Haar schepen vergaan en zijzelf sterft in armoede. Maar op de zandbanken voor de haven van Stavoren groeit het graan dat zij versmaad had.
Een mooie legende met een mooie boodschap. Maar op het moment dat we een soortgelijk verhaal in de Bijbel aantreffen, schamen we ons misschien wel een beetje. Petrus die een vis met een muntstuk in zijn bek moet vangen om de tempelbelasting te kunnen betalen? [ppt] Het is misschien nog niet eens zo dat je niet kunt geloven dat Jezus zo’n wonder zou kunnen doen. Hij heeft wel grotere wonderen gedaan. Maar in die wonderen kon je steeds iets zien van de nieuwe wereld die Hij komt stichten: een wereld zonder ziekte en dood. Maar dit wonder heeft meer iets van Jezus die een kunstje doet. Is zo’n stunt niet onder zijn stand?
Nu staat dit verhaal wel in de Bijbel, dus er moet een keer over gepreekt worden. Maar moet dat dan uitgerekend vandaag? Preek dan liever over het verhaal dat erop volgt: Jezus die een kind tussen zijn leerlingen zet en tegen en zegt: “Als je wilt weten wie de grootste in het koninkrijk van de hemel is, kijk dan maar eens naar dit kind. Want als jullie niet veranderen en worden als een kind, zullen júllie het koninkrijk van de hemel in elk geval niet binnengaan”. Zo’n verhaal past toch veel beter op een zondag waarop er maar liefst vier kinderen gedoopt worden: vanmorgen Romy en Hidde, vanmiddag Rozemarijn en Olivier? Dan hebben we het er nog niet eens over dat er op zo’n doopzondag ook gasten in de kerk komen die door zo’n verhaal over een vis met een munt in zijn bek alleen maar bevestigd worden in hun vooroordeel dat die Bijbel één groot sprookjesboek is.
Nu was ik ook van plan om een preek te houden over Jezus die het kind centraal zet. Maar toen ik me in het begin van Matteüs 18 begon te verdiepen, trof het me dat het verhaal over Jezus en de kinderen al in hoofdstuk 17 begint: met dat wonderlijke verhaal over die vis met een muntstuk in zijn bek. Toen ik dat één keer gezien had, kon ik dat verhaal niet meer uit mijn hoofd zetten. Zo gaat het vaker: als je ergens niet aan wilt denken, ga je er juist aan denken. Maar mijn gedachten cirkelden niet rond die vis met een muntstuk in zijn bek, maar rond het woord van Jezus dat aan dat wonder voorafgaat: [ppt] “Dan zijn de kinderen dus vrijgesteld”. Zou dat woord misschien nog steeds doorklinken als Jezus in het volgende hoofdstuk begint over de ereplaats die kinderen mogen innemen in het koninkrijk van zijn Vader? [ppt] Gaat het dan niet ineens over iets anders, maar nog steeds over hetzelfde? Die gedachte leek me veelbelovend genoeg om mijn uitgangspunt te nemen in dat woord van Jezus over de vrijheid van de kinderen.

Simon Petrus zit met de vraag of zijn Meester wel tempelbelasting betaalt. Hij gaat er vanuit dat Jezus dat wel doet, maar zeker weten doet hij het niet. Jezus weet wat zijn leerling bezighoudt en helpt hem om zelf een antwoord te vinden. “Wat denk je, Simon? Van wie innen de heersers op aarde tol of belasting? Van hun eigen kinderen of van anderen?” Op zichzelf is dat niet zo’n moeilijk vraag. Een koning laat zijn volk betalen voor het paleis waar hij in woont. Maar zijn kinderen hoeven natuurlijk geen belasting te betalen. Voor hen wordt er juist belasting betaald.
Dat is in Nederland nog steeds zo. Koning Willem Alexander en koningin Maxima hoeven geen inkomstenbelasting te betalen. [ppt] Hetzelfde geldt voor prinses Amalia als zij achttien is geworden. Dan krijgt ze een uitkering van een kwart miljoen euro per jaar, belastingvrij. Dat betekent niet dat het koninklijk huis helemaal geen belasting hoeft te betalen. Want in box 3 betalen ze wel belasting over hun privévermogen. Over hun boodschappen betalen ze ook gewoon BTW. En als ze een hond willen hebben, moeten ze daar dus wel hondenbelasting voor betalen. Jezus zegt dat die regel uit het koninkrijk der Nederlanden ook geldt in het koninkrijk van zijn Vader. Als Zoon van God hoeft Hij geen bijdrage te leveren aan de kosten voor het huis van zijn Vader.
Maar waarom zegt Hij dat? Probeert Hij met een slimme redenering onder de verplichting uit te komen om te geven voor de instandhouding van de tempeldienst? Dan had Hij Petrus ook niet de opdracht hoeven te geven om de tempelbelasting uit het meer op te vissen. Bovendien kreeg Petrus bij voorbaat de belofte mee dat hij een vierdrachmenstuk zou vinden in de bek van de vis die hij aan de hak had geslagen. [ppt] Genoeg om niet alleen voor Jezus, maar ook voor hemzelf te betalen. Als Jezus ook voor Petrus betaalt, kan dat toch niets anders betekenen dan dat Jezus Petrus laat delen in de vrijheid die Hij als Zoon van de Koning zelf geniet? Als je je dat realiseert, besef je dat dit verhaaltje allerminst gaat over Jezus die een trucje uithaalt. Jezus zegt hier iets fundamenteel over hoe de verhoudingen in de wereld van God liggen. [ppt]
Dat wordt nog duidelijker als je dit kleine verhaal leest tegen de achtergrond van het voorschrift in Exodus 30. Daarin lijkt te staan dat iedereen, rijk of arm, een bijdrage moet leveren aan de instandhouding van het heiligdom. Maar als je wat beter kijkt zie je, dat voorschrift staat in een wet waarin God zijn afkeer van volkstellingen uitspreekt. [ppt] U kent misschien het bijbelverhaal waarin koning David een volkstelling laat houden om erachter te komen hoe groot zijn leger is. Het gevolg is dat God dat leger bijna uitroeit door de pest over het land te brengen (2Sam.24; 1Kron.21). Want een koning die een volkstelling laat houden wil weten over hoeveel mensen hij kan beschikken. Maar hij kan juist over geen mens beschikken. Want het zijn zíjn mensen niet; het zijn Gods mensen. Als het echt nodig is dat er een volkstelling gehouden wordt, moet daarom ieder die geteld is een losprijs betalen die bestemd is voor het huis van God. Door die belasting te betalen gaf je aan het adres van de koning het signaal af: [ppt] “U hebt helemaal niets over mij te zeggen. De enige die macht over mij heeft u is God” (vgl. Joh.19,11). Jezus spreekt dus in de geest van het gebod, als Hij zegt: “Dan zijn de kinderen dus vrijgesteld”.

Op dat woord denkt Jezus hardop verder als Hij een kind tussen zijn leerlingen zet. “Jullie willen weten wie van jullie de hoogste plek mag innemen in het koninkrijk van God? Niemand van jullie. Want dit kind is het grootste. Als jullie niet veranderen en worden als dit kind, zul je in het koninkrijk van God niet eens naar binnen mogen”. Op precies dezelfde manier zet de Heer vanmorgen Romy en Hidde in ons midden. Misschien vind je dat ontroerend en denk je bij jezelf: “Wat mooi dat die kleintjes ook al bij God mogen horen”. Maar dan zegt Jezus dus tegen je: “Hoezo mogen zij er ‘ook’ bij horen? Dat klinkt een beetje alsof het vanzelf spreekt dat jij al bij God hoort. Dan zeg Ik je dat Romy en Hidde inderdaad bij God horen. Maar of jij ook bij God mag horen? [ppt] Want zijn rijk is voor de kleintjes. Als je dat niet meer bent, moet je dus gauw weer in een kind veranderen”.
Als Jezus de kinderen centraal stelt, is dat dus niet alleen ontroerend, maar ook onthutsend. Het klinkt geweldig als Jezus zegt dat de kinderen vrijgesteld zijn van verplichtingen als het betalen van belasting. Maar om die vrijheid te kunnen beleven, moet je dus wel als een kind in het leven staan. Romy en Hidde hoeven er niets voor te doen om een kind van God te mogen zijn. Het teken van het verbond dat God met hen gesloten heeft kunnen ze alleen ontvangen. Als ze groter worden zullen ze ontdekken dat ze met die houding niet ver komen in deze wereld. Je moet je handen niet alleen kunnen ophouden, maar ook uit de mouwen kunnen steken. [ppt] Maar Jezus zegt hier dat opgroeien naar zelfstandigheid betekent dat je het koninkrijk van God ontgroeit. Want in dat rijk is geen plaats voor mensen die zich wel kunnen redden, maar voor mensen die zich niet kunnen redden.
Kun je het opbrengen om dat van jezelf te zeggen? Misschien weet je diep in je hart wel dat je je leven niet in eigen hand hebt. Er werken zoveel krachten op je leven in waar je geen enkele invloed op hebt. Wat zou het heerlijk zijn als je, net als het oude Israël, van al die krachten kon zeggen: “Jullie hebben helemaal niets over mij te zeggen. De enige die macht over mij heeft is God”.
Maar dat kun je ook. Sterker nog, die enige die macht over je heeft is je Vader in de hemel. Je hoeft er niets aan bij te dragen om zijn kind te mogen zijn. Sinds wanneer moet een kind het verdienen om een kind van zijn ouders te mogen zijn? In een mensenleven kan het wel gebeuren dat de rollen van ouders en kinderen omgedraaid worden. Zoals je ouders voor jou zorgden toen je afhankelijk van hen was, zo zorg jij voor je ouders als ze afhankelijk worden van jou. Maar in de omgang met God mag je altijd kind blijven. Vol vertrouwen dat je Vader in de hemel je wel zal verzorgen, beschermen en bewaren.
In dat vertrouwen mogen jullie, Stefan en Erika, Michel en Vera, je kinderen voorgaan. Jezus spreekt best wel harde woorden over opvoeders die een van de kleintjes die op Hem vertrouwen laat struikelen. Zulke opvoeders kunnen maar beter met een molensteen om hun nek in zee geworpen worden. Is opvoeden dus gevaarlijk werk? Niet als je kinderen maar aan je merken dat je zelf ook maar een klein kind bent van een groot God. [ppt] Als je ze leert bidden als een kind, laat hun dan ook merken dat je zelf ook nog steeds bidt als een kind.

Ik zei eerder in de preek dat het verhaal over Jezus en de kinderen al begint met het verhaal over vrijstelling van tempelbelasting. Maar dat klopt bij nader inzien niet helemaal. Het begint nog een vers eerder, als Jezus tegen zijn leerlingen zegt: “De Mensenzoon zal uitgeleverd worden aan de mensen. Die zullen hem doden, maar op de derde dag zal hij uit de dood worden opgewekt”. Als Jezus zegt dat je helemaal niets hoeft te betalen om een kind van God te mogen zijn, betekent dat niet dat de vrijheid die we als kind van God mogen hebben goedkoop is. Jezus heeft ervoor betaald, niet met een tweedrachmenstuk, maar met zijn leven. [ppt]
Het spreekt dus niet vanzelf dat je als een kind van God in het leven mag staan. Hoe vaak heb je niet geleefd als volwassene die zijn Vader niet meer nodig had? Zonde is dat. Maar Jezus heeft alles goedgemaakt door in jouw plaats te leven en in jouw plaats te sterven. Je mag opnieuw beginnen, als je bent vastgelopen met je eigen zelfstandigheid. Je mag weer worden wat je bent: Gods kind. Niets meer en niets minder.

Amen.