Predikant

preken(vrije stof)
preken(catechismus)

Musicus

cv
concertagenda
cds
Composities
Diversen
Contact
Predikant > Preek lezen > De waanzin van Jezus' veroordeling (+ gesprekspunten)
titel : De waanzin van Jezus' veroordeling (+ gesprekspunten)
datum : 25 maart 2018
volledige onderwerp : MatteŁs 27 : 24 - 26
Download deze preek.

Preek over Mt.27,24-26 (Den Ham / Nijverdal, 25-3-18)

Gez.168 (als votum, in canon)
Groet
LB 558:1,2,6,9
10 geboden
Opw.764
Gebed
Doopsformulier (Orde III, UGL)
LB 139B (na dopen Milou de Vries en Mirre Braakman)
L Mat.27,15-26 (door Amber Wemekamp)
Opw.614
T Mat.27,24-26
Preek
Ps.146:1,2,5
Dankzegging en voorbede
Collecte
Gez.145
Zegen

Gemeente van de Here Jezus,

“Laat zijn bloed óns dan maar worden aangerekend, en onze kinderen!” Die woord werd als eerste genoemd, toen ik de jongeren uit een van de catechisatiegroepen vroeg wat hun opviel in het bijbelgedeelte dat we gelezen hadden. Op zich was het niet moeilijk te begrijpen wat er met dat woord bedoeld werd. Als Pilatus niet verantwoordelijk wil zijn voor de dood van Jezus, dan wil het volk die verantwoordelijkheid wel dragen. Maar hoe kún je zoiets roepen? Zelfs als Jezus een bedreiging was voor de priesters en de leiders van het volk, het blijft onbegrijpelijk dat Hij dus dood moest. Niet gewoon dood, maar gruwelijk dood. Hoe bestaat het dat het hele volk zich door die haat laat meeslepen en Jezus zo graag aan het kruis wil hebben, dat men bereid is de gevolgen te dragen? Misschien beseften ze op dat moment zelf niet wat ze riepen. Maar als je de volgende morgen wakker wordt, zou je dan niet denken: “Wat heb ik gezegd? Wat heb ik gedaan?”
Want een tweede punt dat steeds terugkwam bij de bespreking van dit gedeelte uit Matteüs was dat Jezus toch onschuldig was. Daarom gaf Pilatus hun ook de keuze tussen Barabbas en Jezus. Als je Barabbas naast Jezus zet, is het toch duidelijk dat Barabbas schuldig is en Jezus onschuldig? Pilatus kon zich blijkbaar niet voorstellen dat de mensen voor een moordenaar zouden kiezen, als er ook iemand vrijgelaten kon worden die niemand kwaad deed? Maar tot zijn verbijstering gebeurt dat wel. Nu kan hij niet meer terug, hoe graag hij het ook zou willen. Het briefje dat hij op dat moment van zijn vrouw krijgt onderstreept alleen maar hoe hij zich in de nesten gewerkt heeft. “Hou je erbuiten, die man is onschuldig. Vannacht heb ik in een droom veel om hem geleden”. Maar kan Pilatus zich er nog buiten houden, als hij het volk zelf de mogelijkheid gegeven heeft om voor Barabbas en tegen Jezus te kiezen? Dus wat doet hij? Hij wast voor het oog van iedereen zijn handen en zegt: “Ik ben onschuldig aan de dood van deze man. Jullie zijn verantwoordelijk”. Een van de jongeren noemde Pilatus een lafaard. Als hij een vent geweest was, was hij tegen de wil van het volk ingegaan. Maar in plaats daarvan wast hij zijn handen. Maar het bloed dat hij aan zijn handen heeft, wast hij er met dat water niet af. De schuld die het volk heeft aan Jezus’ dood, pleit hem niet vrij. Hij is het die niet Jezus, maar Barabbas vrijlaat.
Je ziet het aankomen, maar als het gebeurt kun je, net als een van de jongeren, alleen meer zeggen: “Onbegrijpelijk”. Want dat is het toch? Wat hier gebeurt is zó oneerlijk. Is er dan niemand die protesteert? Nee, niemand. Zelfs Jezus niet. Toen we besproken hadden wat ons in dit bijbelgedeelte opviel, kwam een van de jongeren toch nog met iets nieuws: “Jezus zegt de hele tijd niets”. Ook dat is onbegrijpelijk. Als je je probeert voor te stellen wat er in Jezus omging, dan kan het toch niet anders dan dat Hij Zich in moest houden? Of blijkt als je dat zegt dat je je helemaal niet kunt voorstellen wat er in Jezus omging? Want jíj zou inwendig koken van woede. Maar Jezus, deed Hij dat ook? Zelfs als je gelooft dat Jezus nu tot het doel van zijn leven op aarde kwam, je kunt je haast niet voorstellen dat Hij daar vrede mee had.

Onbegrijpelijk. Verbijsterend. Waanzin. Die woorden komen bij je boven als je het verhaal van Matteüs op je in laat werken. Is het nu mijn taak om daar vanaf te doen? Ik zou kunnen zeggen dat dwars door deze onbegrijpelijk en verbijsterende gebeurtenissen heen God bezig was om zijn plan uit te voeren. Maar is wat hier gebeurt dan geen waanzin meer? Blijkt er bij nader inzien toch een heel diepe zin in te liggen? Die diepe zin moet er inderdaad in liggen. Maar bij nader inzien? Dat zou de indruk wekken dat als je maar goed kijkt, je die zin wel kunt ontdekken. Maar waar moet je dan naar kijken, wil je die zin kunnen ontdekken?
De jongeren probeerden die zin te vinden in de vrijlating van Barabbas. Staat Barabbas niet symbool voor ons allemaal? Zijn wij voor God niet allemaal schuldig? Toch is er vrijspraak voor zondaars, omdat Jezus hun straf gedragen heeft. Zo bekeken ontdek je in dit verschrikkelijke verhaal toch iets moois. Maar dan zeg ik nog steeds: niet te snel. Want Barabbas werd dan misschien vrijgelaten door Pilatus, maar werd hij daarmee ook vrijgesproken door God? Terecht zei een van de jongeren tijdens ons gesprek dat je niet te makkelijk over vergeving moet praten. Want geen vergeving zonder bekering. Maar over een bekering van Barabbas lezen we hier niets.
Op precies dezelfde manier kun je proberen zin te geven aan die verschrikkelijke roep van het volk: “Laat zijn bloed óns dan maar aangerekend worden, en onze kinderen!” Dan zeg je: “Zonder dat ze zich ervan bewust waren vroegen de mensen daarmee al om vergeving voor hen en voor hun kinderen. Want het bloed van Jezus reinigt ons juist van alle zonde (1Joh.1,6). Je zou dus net als die mensen op dat plein Jeruzalem moeten roepen: “Laat zijn bloed maar over ons en onze kinderen komen”. Maar dan bij je volle bewustzijn. Maar hoe waar dat op zichzelf ook mag zijn, mag je op die manier zin geven aan woorden die waanzinnig zijn? Als dat al zou mogen, dan toch niet door maar aan de oorspronkelijke bedoeling van die woorden voorbij te gaan? Met de roep: “Laat zijn bloed maar over ons en onze kinderen komen”, wilden de mensen Pilatus over de streep trekken. “Jij durft de verantwoordelijkheid voor de dood van deze rechtvaardige niet te dragen? Dan nemen wij de schuld voor zijn dood wel op ons”. Zeg je dat die krijsende menigte dan ook na? Is het jouw schuld dat Jezus zo verschrikkelijk moest lijden? Of was je dan net als Pilatus je handen ineens in onschuld?
Je kunt Pilatus wel een lafaard noemen, maar ondertussen doet hij iets wat je misschien wel herkent. Hij kan niet meer terug, maar wil de gevolgen van zijn eigen keuzes niet dragen. Dit heeft hij niet bedoeld, dit heeft hij niet gewild. Maar als het gebeurt, heeft hij er ineens niks mee te maken. Dan hebben anderen het gedaan: de priesters, de oudsten, het volk. Maar kun jezelf rechtvaardigen door met een beschuldigende vinger naar anderen te wijzen? Ben jij goed, als de ander slecht is? Pilatus lijkt Adam wel, die met de vinger naar Eva wijst als God hem ter verantwoording roept: “De vrouw die u gemaakt hebt om mij terzijde te staan, heeft mij vruchten van de boom gegeven en toen heb ik ervan gegeten” (Gen.3,12). Moet je jezelf dus maar niet te snel vergelijken met Barabbas, die vrijgesproken wordt, maar kun je jezelf beter vergelijken met Pilatus die zichzelf vrijspreekt?
Pilatus, de priesters, de oudsten, het volk, Barabbas, met wie zou je jezelf willen vergelijken? Stel dat je jezelf met geen van hen zou willen vergelijken, kom jij dan in dit verhaal wel voor? Gaat het dan wel over jou?

Je zou je misschien het liefst willen vergelijken met Jezus. Want Hij is de enige in dit verhaal die onschuldig is. Hij heeft geen schuld, maar krijgt de schuld. Ik geloof dat dit verhaal alleen betekenis voor je krijgt als je hardop durft te zeggen dat er niet alleen toen, maar ook nu maar één onschuldig is: Jezus. Dus zelfs Milou en Mirre niet? Zelfs zij niet. Daarom werden ze ook gedoopt. Niet om ze schuldig te verklaren, om ze te laten delen in Jezus’ volmaakte onschuld. Bij Hem moeten ze zijn als ze ontdekken dat ze leven in een wereld waarin niemand schone handen heeft, ook zijzelf niet. Alleen Jezus heeft schone handen. Maar die schone handen worden aan een kruis vastgespijkerd omdat Hij de schuld krijgt. Ook hun schuld. Ook jouw schuld. Ook mijn schuld.
Je kunt zeggen dat Jezus’ stierf volgens Gods plan. Maar laten we asjeblieft niet doen alsof we daar ook maar iets van begrijpen. Want is dat dan eerlijk, dat Hij de gevolgen moet dragen van onze daden? Het is niet aan ons om te zeggen dat dat eerlijk is. Dat is aan God. Dwars door het onrecht dat wij doen doet Hij recht aan Zichzelf en aan ons. Hij vervloekt de zonde en zegent de zondaars. Zo leren we God kennen, als we onze ogen opslaan naar die man die aan het kruis hangt. God heeft een nog grondiger afkeer van het kwaad dat ook in ons woont dan wijzelf en houdt desondanks meer van ons dan wij ons kunnen voorstellen. Daar waar het onrecht lijkt te zegevieren, komt Gods nieuwe wereld waar gerechtigheid woont van de grond. Daar waar de rechtvaardige sterft, vinden onrechtvaardigen het leven.
Komen wij ook voor in het verhaal dat God vertelt door het verhaal van Matteüs heen? Ja, als we durven erkennen dat Hij onze schuld krijgt. Als we durven geloven dat wij zijn onschuld krijgen.

Amen.

Gesprekspunten:

1. Tip: Ga niet meteen in gesprek. Lees het bijbelgedeelte hardop door en luister naar passende muziek (bijvoorbeeld uit de Matthäus Passion van Bach of Via Dolorosa van Sela. Mag ook tussen de bespreking van de onderstaande punten in.
2. “Onbegrijpelijk. Verbijsterend. Waanzin”. Kun je als gelovige zo wel over het lijden van Christus spreken?
3. Herken je bij jezelf iets van a. Pilatus, b. de priesters de oudsten en het volk, c. Barabbas? Moet dat, als je jezelf in deze geschiedenis terug wilt vinden?
4. Wat leer je uit (de preek over) dit bijbelgedeelte over God?