Predikant

preken(vrije stof)
preken(catechismus)

Musicus

cv
concertagenda
cds
Composities
Diversen
Contact
Predikant > Preek lezen > Uit vrije wil
titel : Uit vrije wil
datum : 6 augustus 2017
volledige onderwerp : Galaten 5 : 17
Download deze preek.

Preek Over Gal.5,17 (Den Ham / Almelo, 6-8-17)

Votum en groet
Gez.132
10 geboden
Ps.32:1,2
Gebed
Doopsformulier 1
Opw.770 (na dopen Dirk Hendrik Muis)
L Gal.5,13-26
Ps.32:3,4,5
T Gal.5,17
Preek
LvK 487
Dankzegging en voorbede
Collecte
Gez.160
Zegen

Gemeente van de Here Jezus,

“U denkt toch niet dat hier ook maar iemand uit vrije wil zit? We zitten hier allemaal omdat we door onze ouders gestuurd zijn. Zou dat niet zo zijn, dan zat u hier elke week met een leeg lokaal”, zei een jongen tijdens catechisatie tegen me. Ook al is dat alweer een paar jaar geleden, zijn woorden klinken nog altijd in mijn oren na. Nu ik er weer aan terug denk, realiseer ik me dat de woorden van die jongen eigenlijk oer-gereformeerd waren. Zo zal hij het niet bedoeld hebben. Toch geloven veel mensen hier dat als God hun hun gang had laten gaan, ze nooit hun vertrouwen aan God gegeven hadden. God zelf moet het vertrouwen in je hart werken, want uit vrije wil komt helemaal niemand tot geloof.
Wie vroeger kerkgeschiedenis gehad heeft, weet misschien nog dat Luther daar een discussie met Erasmus over gehad heeft. Toen Erasmus een boek geschreven had over de vrije wil, antwoordde Luther daarop met een boek dat als titel had: De slaafse wil.
In de kerk maken we ons daar inmiddels niet meer zo druk om. Merkwaardig genoeg laait de discussie over de vraag of we een vrije wil hebben buiten de kerk weer op. Vera Lucas heeft me een boek uitgeleend van een hersenonderzoeker, en dat boek heeft de titel: De vrije wil bestaat niet. Het lijkt de titel van het boek van Luther wel: De slaafse wil. Toch zit er een groot verschil tussen beide boeken. Want volgens Luther bestond de vrije wil niet, omdat we slaven zijn van de zonde. Maar volgens die hersenonderzoeker bestaat de vrije wil niet omdat we slaven zijn van ons hersenen. Alle keuzes die we maken, zijn in onze hersenen voorgeprogrammeerd. Als wij ergens voor kiezen, is dat dus niet omdat wij dat willen, maar omdat we zo zijn. Bij de keuzes die we maken komt er dus alleen maar uit wat er al inzat.
Toch denk je zelf dat je weloverwogen en vrijwillig je keuzes maakt. Maar volgens die geleerde is dat slechts schijn. Want dat je ook een andere keuze zou kunnen maken zal nooit in je opkomen. Dat zit immers niet in je? Mensen die van mening zijn dat een mens niet meer is dan zijn brein, zijn daarom vaak kritisch over de regels die er in Nederland gelden voor euthanasie. Een verzoek om beëindiging van je leven mag alleen ingewilligd worden als dat verzoek weloverwogen en vrijwillig gedaan is. Anders gezegd: je moet uit vrije wil voor euthanasie kiezen. Maar dat kan helemaal niemand als zoiets als een vrije wil helemaal niet bestaat.
Hoeveel moeite ik ook heb met de euthanasiepraktijk in Nederland, ik heb nog meer moeite met de mening dat een mens slechts een slaaf van zijn hersenen zou zijn. Een mens is meer dan zijn brein.
De Bijbel spreekt over de mens als geest, ziel en lichaam (1Tess.5,23). Wat precies het verschil is tussen een geest en een ziel zou ik niet kunnen zeggen. Zoals ik ook niet weet waar de grens tussen lichaam en geest precies ligt. Het blijft voor mij een raadsel dat je depressies vaak goed met medicijnen kunt behandelen. Want voor je gevoel is je geest ziek als je depressief bent. Hoe kun je je dan toch beter voelen als je een bepaald stofje slikt? Maar al kun je geest gevoel en lichaam niet van elkaar scheiden, je kunt ze toch wel degelijk onderscheiden. We worden immers niet alleen gevormd tot de mens wie we zijn door dingen die in ons lichaam zitten, maar ook door dingen die ‘in de lucht’ zitten.
Neem nu de cultuur waarin we groot worden. Het is een ongrijpbaar begrip maar ondertussen zet die cultuur die je inademt een groot stempel op de keuzes die je maakt. Om even een simpel voorbeeld te gebruiken: Waarom blijven er in Den Ham meer mensen thuis tijdens de zomervakantie dan in Den Haag? Doen zulke Hammenaren dat echt uit vrije wil? Als je het hun zou vragen dan zouden ze zonder aarzelen antwoorden dat ze het echt uit vrije wil doen. Het komt gewoon niet in ze op om er een paar weken tussenuit te gaan. Je moet er niet aan denken. Toch kun je je best afvragen of de wil van een Hammenaren om altijd thuis te blijven wel zo vrij is als hij zelf denkt. Zoals je je net zo goed kunt afvragen of de vele gasten die we hier mogen verwelkomen wel uit vrije wil in Den Ham op de camping zijn gaan staan. Waarom naar Den Ham? Is dat werkelijk een weloverwogen en vrijwillige keuze geweest? Natuurlijk niet. Gelukkig niet zeg. Want om een weloverwogen en vrijwillige keuze te kunnen maken zou je eerst alle mogelijkheden op een rijtje moeten zetten. Wie is daartoe in staat? Maar zelfs als je daartoe in staat bent, wie heeft daar zin in? Stel je voor dat je pas een keuze kunt maken als je eerst alle mogelijkheden op een rijtje gezet hebt, dan kom je toch nooit tot een keuze? Dus maak je je keuze op grond van het beetje kennis en het beetje ervaring dat je hebt. Maar om nu te zeggen dat je je keuzes uit vrije wil maakt? Echt niet.
Ik geloof dat de apostel aan zoiets dacht, als hij zegt: ”U kunt dus niet doen wat u maar wilt”. Als je die woordjes uit hun verband haalt, lijkt het niet zo`n bijzondere uitspraak. Het zou me een mooie bende worden als iedereen zou doen waar hij zelf zin in had. Je moet ook een beetje rekening houden met elkaar. Maar dat bedoelt Paulus hier niet. Al zou hij het er ongetwijfeld mee eens zijn.
Hij bedoelt ook niet dat er altijd verlangens in je leven onvervuld blijven. Ik kan me herinneren dat ik als kind iets heel graag wilde, maar het mocht niet van mijn ouders. Toen ik mijn vader vroeg waarom dan niet zei hij: “Ik zou heel graag een keer naar Hawaï willen, maar ik kom daar nooit”. Ik vraag me af of hij dat nog steeds zou zeggen. Toch vind ik het nog steeds een wijs antwoord. Ik heb er in elk geval van geleerd dat je niet kunt doen wat je maar wilt. Zelfs als het in theorie wel mogelijk is. Je moet leren je te beperken. Anders kom je om in al die dingen die zo leuk en zo interessant zijn. En opnieuw zou Paulus het roerend met mijn vader eens geweest zijn.
Toch bedoelt hij ook dat niet, als hij zegt dat je maar niet kunt doen wat je maar wilt. Het hele vers luidt immers: “Wat wij uit onszelf najagen is in strijd met wat de Geest wil, en wat de Geest verlangt is in strijd met wat onszelf. Het een gaat in tegen het ander, dus u kunt niet doen wat u maar wilt.” Ik heb nooit begrepen hoe die laatste woorden uit die eerste woorden volgden. Hoezo kan ik niet doen wat ik maar wil, als er in mij een strijd aan de gang is tussen mijn eigen verlangens en die van de Heilige Geest? Het kwartje is pas onlangs gevallen, toen ik in dit Lutherjaar besloot om de boeken van Luther en Erasmus zelf maar eens te gaan lezen.
Pas aan het einde van Luthers boek kwam ik de zin tegen waar ik blijkbaar al heel lang op wachtte. Deze zin: Erasmus, met zijn verdediging van de vrije wil gaat voorbij aan wat Paulus schrijft in Galaten 5: “dat er in de gelovigen een strijdt woedt tussen de Geest en het vlees, een strijd zo hevig, dat zij niet kunnen doen wat ze zelf zouden willen”.
Luther wil dus maar zeggen: Wat wil je nou met je vrije wil? Jij doet net of er in die strijd waar Paulus het over heeft drie partijen zijn: Het vlees, de Geest en jij. Jij staat wat in de zijlijn toe te kijken hoe je vlees je bij Jezus weg probeert te trekken en de Geest je juist naar Jezus toe begint te trekken. Je denkt er eens rustig over na of je zult doen wat het vlees van je verlangt en wat de Geest van je verlangt. Uiteindelijk besluit je uit vrije wil om te kiezen voor wat de Geest graag wil. Dwaas die je bent. Er is helemaal geen derde partij die de wedstrijd langs de lijn staat te volgen. Je staat juist midden in die strijd. Want je vlees, dat ben jezelf. Als je je niet door de Geest laat leiden, laat je je dus door je vlees leiden. Een derde mogelijkheid is er niet.
Misschien vindt u het spannend om Luther zo te horen uithalen naar Erasmus. Misschien interesseert je het ook helemaal niks. Luther en Erasmus, wat kan jou dat nu schelen? Laat ik de uitleg die Luther geeft dan ook maar meteen toepassen op de woorden van die jongen waar ik de preek mee begon: “U denkt toch niet dat hier ook maar iemand uit vrije wil zit?” Dat denk ik inderdaad ook niet. En als er wel iemand uit vrije wil op catechisatie of in de kerk zit, dan is dat omdat de Geest van Jezus je wil heeft omgebogen. Maar dacht je nou werkelijk dat je wel uit vrije wil handelde als je in het vervolg maar thuisbleef? Die laatste vraag stel ik niet alleen aan die jongen die niet meer naar catechisatie wilde, maar net zo goed aan u allemaal. Hoe vrij denk je eigenlijk dat je bent bij de keuzes die je maakt? Besef je wel dat hele leven zich afspeelt in het spanningsveld van de geest van de wereld en de Geest van God?
Er wordt aan je getrokken en je beweegt mee. Ook als je zelf het idee hebt dat je helemaal nog geen keuze hebt gemaakt. Wat dat betreft zou je de kracht die het vlees op je uitoefent kunnen vergelijken met de zwaartekracht. Je kunt er niet voor kiezen of je je door die kracht naar beneden zult laten trekken of niet. Je wordt er onweerstaanbaar door aangetrokken, of je je daar nu van bewust bent of niet. Zo worden wij ook onweerstaanbaar bij God vandaan getrokken, of je je daar nu van bewust bent of niet. Je maakt deel uit van een wereld die vijandig tegenover God staat. Maak jezelf niet wijs dat jij daar geen last van hebt. Want die vijandschap tegenover God woont ook in je eigen hart. Het kan dus met jou niet alle kanten op, het kan met jou maar een kant op: naar beneden, als God het niet verhoedt.
Een gezang uit het Liedboek brengt dat prachtig onder woorden:

Laten wij God loven,
leven van het licht,
onze val te boven
in een evenwicht,

want de aarde jaagt ons
naar de diepte toe,
maar de hemel draagt ons,
liefde wordt niet moe (LB 547:4,5)

Ik vind het een prachtig lied. Er is maar 1 regel uit dit lied waar ik mijn vraagtekens bij heb: Laten wij God, loven, leven van het licht, onze val te boeven in een evenwicht. Die regel zou de indruk kunnen wekken dat de kracht van het vlees en de kracht van de Geest elkaar in evenwicht houden. Ik geloof niet dat de apostel Paulus dat bedoelt als hij schrijft: Het een gaat in tegen het ander, dus u kunt niet doen wat maar doen wat u wilt. Toch zijn die woorden wel zo opgevat, door Luther en later ook door Calvijn.

Calvijn zei over de tekst van de preek: “Paulus spreekt hier uit dat de gelovigen, hoe hard ze het ook proberen, God nooit volmaakt dienen, hoe hard ze ook vechten. Ze willen wel en verlangen ernaar maar het wordt nooit volmaakt”. Die uitleg heeft een groot stempel gedrukt op de geloofsbeleving van veel gereformeerde mensen. Het blijft een strijd. Het wordt nooit volmaakt.
Maar als Paulus dit werkelijk bedoeld zou hebben, hoe kan hij dan een vers eerder schrijven: “Laat u dus leiden door de Geest dan bent u niet gericht op uw eigen begeerten?” Paulus wil dus allerminst zeggen dat lichaam en Geest elkaar in evenwicht houden. Dat zou ook betekenen dat het vlees de Geest zou kunnen neutraliseren. Alsof ons vlees opgewassen zou zijn tegen Gods Geest!
Wij blijven echt niet een beetje zweven tussen hemel en aarde. Daar hing Jezus Christus, die met zijn dood aan het kruis heeft afgerekend met de machten van zonde en dood. Als de Geest van Jezus Christus over je komt, krijg je deel aan die volkomen overwinning van Jezus. Los van Jezus zijn we slechts vlees. Maar verbonden met Hem zijn we zijn broers en zusters en kinderen van zijn Vader. Dat is de werkelijkheid waarin je mag leven. Dat is de werkelijkheid waarin je vandaag ook je kinderen mag laten leven.
Misschien hikken sommigen hier wel wat aan tegen de eerste vragen die ik net aan Bram en Jeanine gesteld heb bij de doop van Dirk. “Erkent u dat Dirk zondig en schuldig ter wereld is gekomen en daarom aan allerlei ellende en zelfs aan het eeuwig oordeel onderworpen is, en dat hij toch in Christus voor God heilig is en daarom als lid van deze gemeente gedoopt behoord te zijn?” Moet dat nu zo negatief? Maar je kunt beter vragen: Mag het echt zo positief: in Christus voor God heilig? Want dat is wat Bram en Jeanine Dirk mogen leren, als ze beloven dat ze hem zo goed mogelijk zullen onderwijzen en laten onderwijzen wat het betekent dat hij gedoopt is. Dan beloof niet – tenminste ik hoop niet dat jullie dat zo opgevat hebben – dat je je kind zult leren: Je bent niet volmaakt en je zult ook nooit volmaakt worden. Nee, want wat houdt het nu in om gedoopt te zijn? Dat je in Christus heilig bent en in Christus volmaakt bent.
Ook al jaagt de aarde je naar de diepte toe, ook Dirk, de hemel draagt ons, met liefde die niet moe wordt, ook Dirk. Je wordt misschien weleens wat moe van jezelf. Maar Gods liefde voor jou is zo groot dat Hij nooit moe van jou wordt. Maar hoe zal Dirk die liefde leren kennen als zijn ouders menen dat hij een vrije wil heeft en dus zelf later maar moet beslissen wie hij wil dienen? Die vrije wil zou Hem alleen maar naar beneden trekken, nooit naar boven. Dat laat je toch niet gebeuren? Dat laat je toch ook jezelf niet gebeuren?

Jezus heeft niet voor niets ons leren bidden: “En leid ons niet in verzoeking, maar verlos ons van de boze”. Maar als je dat bewust bidt en gaat beseffen hoe hard er aan je getrokken worden en hoe moeilijk je weerstand kunt bieden tegen krachten die je bij God weg willen hebben, breng jezelf dan ook niet in beproeving. Je hoeft niet alle films en filmpjes te zien en alle muziek en liedjes te horen die iedereen ziet en iedereen hoort. Want werkt daar een kracht in die je bij Jezus brengt? Beweeg je liever in krachtenveld van de Geest van Jezus Christus.
Door de Bijbel te openen voor jezelf en met anderen. Thuis en in de kerk. Laat je leiden door de Geest, zegt Paulus. En dat betekent heel concreet dat je dus niet moet zijn waar de Geest niet werkt. Je moet daar zijn waar de Geest van Jezus Christus met je aan de slag gaat om die afkeer van God te overwinnen en om je wil te vernieuwen, zodat je niet langer wilt wat jezelf wil, maar wat de Geest wil. Hij wil je steeds meer laten lijken op Jezus Christus, bij wie je hoort. En op het moment dat je je door die Geest laat leiden, dan ga je de strijd als een overwinnaar aan. Dan ga je de strijd aan als een overwinnaar. Want je bent verbonden met Jezus Christus die jou zo liefhad dat Hij voor jou de overwinning al heeft behaald.

Amen