Predikant

preken(vrije stof)
preken(catechismus)

Musicus

cv
concertagenda
cds
Composities
Diversen
Contact
Predikant > Preek lezen > Spiderman!
titel : Spiderman!
datum : 19 juni 2016
volledige onderwerp : Job 08 : 14
Download deze preek.

Preek over Job 8,14 (Den Ham / Kampen-Z, 19-6-16; Enschede-N, 20-11-16)

Votum en groet
LB 816
10 geboden (v.m.)
Ps.37:1,14,16 (v.m.)
Gebed
L Job 8
Ps.28
Kindmoment (v.m.)
T Job 8,14
LvK 440:1,2,3
Apostolische geloofsbelijdenis (n.m.)
Ps.37:2,16 (n.m.)
Dankzegging en voorbede
Collecte
LB 747:1,4,7
Zegen

Jongens en meisjes,

Heeft jullie ook een lievelingsdier? […] Waarom net dier? […]
Houd iemand van jullie ook van spinnen? […] Waarom niet? […]
Onze poezen vinden spinnen helemaal niet griezelig. Soms komt er ineens een grote spin bij ons onder de bank vandaan. Als onze poezen niet in de buurt zijn, vang ik zo’n spin zelf in stukje keukenpapier en breng hem naar buiten. Maar ik laat het vangen van spinnen liever aan de poezen over. Zij vinden zo’n klein bewegend beestje heel leuk. Raken hem met een voorpoot voorzichtig aan en als die spin dan begint te rennen, gaan ze erachteraan. Ze jagen hem de hele kamer door en eten hem uiteindelijk op. Best een lekker hapje.
Vroeger keken mensen heel anders naar de natuur dan nu. Ze geloofden dat je in alle dieren wel iets van God kon zien. Vooral spinnen vonden ze heel bijzondere dieren. Als ze een spin zagen, moesten ze aan de Here Jezus denken. Snap je dat? Waarom lijkt een spin nu op de Here Jezus? […] Nou, als ze een spin aan zijn eigen draad naar beneden zagen komen, dachten ze: “Zo is de Here Jezus ook uit de hemel op de aarde gekomen”. Sommige spinnen leken zelfs een beetje op de Here Jezus, vonden ze. Wat voor spinnen zouden dat zijn? […] Een kruisspin, natuurlijk. Want zo’n spin heeft een kruis op de rug. [ppt] Als je zo’n spin ziet, moet je denken aan de Here Jezus die voor ons aan het kruis gestorven is. Best bijzonder, hè? Dan is zo’n griezelig beest eigenlijk best een mooi dier.
Vandaag gaat het niet over spinnen, maar wel over spinnenwebben. Eigenlijk zijn dat kunstwerken. Moet je eens kijken hoe knap zo’n web gemaakt is. [ppt] Vooral als je bedenkt dat een spin zo’n web helemaal zelf gemaakt heeft. Ik vind daarom wel eens jammer dat ik zo’n spinnenweb op moet ruimen. Bijvoorbeeld als een spin een web gemaakt heeft tussen de leuningen van een tuinstoel. Maar als ik zo’n web met mijn hand kapotmaak, vind ik het wel zielig voor die spin. Hij heeft er zo zijn best op gedaan. En dan maak ik zijn werk met één beweging stuk.
De Bijbel zegt: Mensen maken ook spinnenwebben. Ze houden zich vast aan draden die ze zelf gemaakt hebben, ze verschuilen zich in een web dat ze zelf geweven hebben. Misschien vind je dat maar raar. Mensen kunnen toch helemaal geen draden maken die zo sterk zijn dat ze er zelf aan kunnen hangen? Er is maar één die dat kan, maar die bestaat in het echt niet: [ppt] Spiderman. Jullie hebben misschien wel eens een film van Spiderman gezien. Die hoeft maar naar het dak van een flat te wijzen, of er komt een draad uit zijn vinger waarlangs hij omhoog kan klimmen. Maar dat kan natuurlijk alleen in een film.
Mensen kunnen geen spinnenwebben maken. Toch vertrouwen ze soms op dingen die ze zelf bedacht hebben. Ze denken: “Als ik maar genoeg geld heb, heb ik God niet nodig”. Toch zijn rijke mensen lang niet altijd gelukkige mensen. Want het echte geluk is niet voor geld te koop. Dat kan alleen de Here God je geven. Zijn liefde voor jou is het enige dat altijd blijft. Maar als je zijn liefde niet hoeft, vertrouw je op dingen die niet blijven. Als je geld opraakt, heb je ineens niks meer. Maar dat overkomt lang niet alle mensen die veel geld hebben. Sommigen worden niet arm, maar wel ziek. Ze hadden het zo mooi bedacht. “Als ik rijk ben, ga ik van het leven genieten”. Maar wat heb je aan al dat geld, als je je bed niet meer uit kunt komen? Dan zijn je plannen die je gemaakt hebt net spinnenwebben. Je hebt er zo lang aan zitten werken, maar als het klaar is [ppt] gaat de ragebol erdoor.
Vertrouw dus niet op je jezelf, maar vertrouw op God. Van je eigen plannen komt vaak weinig terecht. Maar Gods plannen komen altijd uit. Geloof daarom in wat Hij zegt. Dan raak je nooit teleurgesteld. [ppt]

Nu zijn er misschien grote mensen die bij zichzelf zeggen: Maar dat woord waar de preek over gaat is helemaal het woord van God niet. Want wie zegt dat, dat iemand die God vergeet zijn toevlucht zoekt in een huis van spinrag? Bildad, een van de drie vrienden van Job. Maar als je het laatste hoofdstuk van het boek Job kent, dan weet je dat God boos was over wat Jobs vrienden allemaal tegen hem gezegd hadden. “Jullie hebben niet juist over mij gesproken, zoals mijn dienaar Job” (42,5), zei de Here. Moet je dus niet zeggen dat Bildad zelf met zijn woorden een spinnenweb aan het weven is waar God straks de ragebol door zal halen?
Nee. Want waarom heeft God de woorden van Bildad anders in zijn woord laten staan? Blijkbaar verkondigen de drie vrienden van Job niet alleen maar onzinnige dingen. We zouden hun zelfs onrecht doen als we alles wat zij in hun redevoeringen naar voren gebracht hebben zou terugbrengen tot ‘boontje komt om zijn loontje’. Het zou me echter niet verbazen als veel bijbellezers niet veel meer van Jobs vrienden onthouden hadden dan dat. Was Job echt onschuldig geweest, dan was hem deze ellende niet overkomen. Hij zal het wel dus ergens aan verdiend hebben dat hij zo zwaar moet lijden. Maar zelfs als Jobs vrienden niet meer gezegd zouden hebben dan dat, betekent dat nog steeds niet dat je nooit kunt zeggen: “Boontje komt om zijn loontje”. Dat dat spreekwoord voor Job niet opgaat, betekent nog niet dat dat spreekwoord dus nooit opgaat. We kennen allemaal wel situaties waarin iemand de wrangen vruchten oogst van wat hij zelf gezaaid heeft.
Ook de tekst voor de preek is zo’n spreekwoord waarin mensen proberen hun ervaring met het leven uit te drukken. Niet voor niets zegt Bildad tegen Job: “Ga bij eerdere geslachten te rade, bouw voort op de wijsheid van je voorouders. Wij zijn hier pas sinds gisteren en weten niets; ons leven hier op aarde is zo vluchtig als een schaduw. Zij zullen tot je spreken en je onderrichten, je laten delen in de kennis van hun hart”. De wijsheid die Bildad vervolgens doorgeeft kun je in sommige gevallen ook in de Bijbel terugvinden. In Psalm 37 bijvoorbeeld, waaruit we gezongen hebben. Daarin stond het couplet:

Een boze zag ik eens tot aanzien komen,
snel werd hij groot, geweldig in zijn kracht.
Zijn machtswaan had een hoge vlucht genomen:
een woekerplant met weelderige pracht,
Toen ik hem zocht, was hij al weggenomen,
spoorloos verdwenen met zijn nageslacht.

Leg je dat couplet uit eens naast Bildads eerste redevoering. Dan ontdek je dat Bildad eigenlijk hetzelfde zegt als de dichter van Psalm 37.
Het beeld van de goddeloze die een spinnenweb weeft, vinden we in de Bijbel niet terug. Wel in de Koran. Soera 29 is er zelfs naar genoemd: de spin. In dat hoofdstuk vinden we de volgende woorden: “De gelijkenis van hen die zich buiten God verbondenen hebben genomen is als de gelijkenis van de spin, die zich een huis maakt en het meest broze huis is toch het huis van de spin indien gij het slechts wist”. Oftewel: Mensen die God niet helemaal vertrouwen en daarom naast Hem hun eigen zekerheden zoeken, bouwen aan het zwakste huis dat er is: het huis van de spin”. Toen ik die woorden voor de eerste keer las, lachte ik erom. Spinrag is immers sterker dan staaldraad. Niet voor niets proberen mensen het al eeuwenlang na te maken. Maar “het blijkt een raadselachtig proces te zijn, waarbij waterige eiwitten worden omgetoverd tot een solide draad. Het orgaan dat dit alles mogelijk maakt is het spinneret waar vele chemische processen plaatsvinden die tot nu toe voor wetenschappers nog niet erg duidelijk zijn”, las ik op een website die Mohammed blijkbaar niet geraadpleegd had. Maar inmiddels lach ik niet meer om die spreuk uit de Koran. Want ik realiseerde me dat er bedoeld werd dat God wat ik allemaal bedenk net zo makkelijk weg kan vegen als ik een spinnenweb tussen de leuningen van een tuinstoel weg kan vegen. “Indien gij het slechts wist”, zei Mohammed. Jezus zou zeggen: “Wie oren heeft om te horen, die hore”.
Was het nu ongepast van Bildad dat hij Job vroeg eens na te denken over het beeld van de spin die een web weeft dat zomaar weggeveegd kan worden? Die vraag is helemaal nog niet zo gemakkelijk te beantwoorden. Bildad is geschrokken van wat Job in de vorige twee hoofdstukken allemaal gezegd heeft. Zou u de moeite nemen die hoofdstukken nog eens door te lezen, dan zou u er waarschijnlijk ook van schrikken. Want daarin vraagt Job aan God: “Hebt U niets beters te doen heeft dan mij plagen? Wie ben ik nu helemaal, dat U mij net moet hebben? Wat wint U ermee als U het beetje tijd dat ik nog heb tot één grote kwelling maakt? Laat me alstublieft met rust. Het is zo al erg genoeg”. Bildad weet niet zo goed wat hij daarop moet zeggen. Hij weet alleen dat het weer goed zal komen als Job ondanks alles op God blijft vertrouwen. Want “eens zal hij je mond weer vullen met gelach, de vreugde van je lippen laten klateren”. Maar hij had ook Psalm 37 aan kunnen halen:

Zie op de HEER als onrecht u doet lijden,
uw vrijspraak komt tevoorschijn als het licht!
Hun doet God recht die stil zijn hulp verbeiden.
Houd moed en zwijg voor ’s Heren aangezicht (Ps.37:3).

Zwijgen voor de Here en wachten op de Here, dat zou Job volgens Bildad moeten doen. Dat is beter dan met je mond een web van verwijten aan het adres van God te weven. Al die bittere woorden, daar zit toch geen troost in? Als alles voorbij is, kun je je er alleen maar over schamen. Doe je zelf dat toch niet aan, mijn vriend. Maak het met je woorden niet nog erger dan het al is.
Bildad heeft het echt goed bedoeld. Toch had hij niet door dat de troost die hij Job wilde bieden voor Job een web van herfstdraden was, spinrag waar hij geen houvast aan had. Job had geen behoefte aan woorden uit de Bijbel. Hij had behoefte aan de God van de Bijbel. Anders dan Bildad praatte Job niet óver de God die hij kende, maar mét de God die hij níet kende. Bildads toespraken zijn preken. Maar Jobs toespraken gaan steeds over in gebeden. Hij is als een kind dat zijn vader slaat en schopt, maar zich uiteindelijk huilend aan hem vastgrijpt. Daarom kan God aan het eind ook zeggen dat Hij geen afstand voelt tot Job, maar wel tot zijn vrienden.
Het was niet allemaal goud wat er blonk in de woorden van Job. Maar spinrag? In zijn wanhoop trok hij zich juist op aan God zelf. Niet aan wat hij vroeger altijd over God geleerd had, niet aan wat hij nu allemaal van God dacht, maar aan God zelf. God moest hem recht doen en niemand anders. God zou hem recht doen en niemand anders. Dat bedoelt Jakobus, als hij in zijn brief schrijft: “U hebt gehoord hoe standvastig Job was, en u weet welke uitkomst de Heer gaf; de Heer is immers liefdevol en barmhartig” (Jak.5,11).

“Herfstdraad – daarop verlaat hij zich, een huis van spinrag is zijn toevlucht”. Toen Bildad die woorden tot Job richtte, was dat misplaatst. Maar zijn die woorden dus per definitie misplaatst? Ik weet wel zeker van niet. Ook gelovige mensen kunnen met hun woorden een web maken waar ze uiteindelijk alleen zichzelf vangen. Ik geloof dat dat vooral zo is als mensen proberen zichzelf te rechtvaardigen. Iemand speekt je ergens op aan en je voelt wel aan dat hij ergens wel gelijk heeft. Maar je wilt het niet horen, omdat er toch ook een andere kant van het verhaal is: jouw kant. Daarvan wil je die ander overtuigen. Maar ondertussen ben je alleen maar bezig om die ander op een afstand te houden. Misschien begrijpt hij inderdaad waarom je gedaan hebt wat je gedaan hebt. Maar heb je daar wat mee gewonnen? Vroeg of laat zal die ander het gevoel krijgen dat hij niet serieus genomen is. Was dat inderdaad je bedoeling? En als dat niet je bedoeling was, waarom dan al die woorden, al die argumenten, al die redeneringen? Ben je uiteindelijk toch niet vooral bezig geweest jezelf in te dekken? Maar waarmee dan? De woorden waarmee je het vertrouwen van de ander probeert te houden, vertrouw je ze eigenlijk zelf wel? Zijn het geen spinnenwebben die je zelf met een hand weg zou vegen?
Mensen denken vanuit zichzelf. Daarin lijken we op spinnen, die een web voortbrengen vanuit zichzelf. We spinnen voort op onze eigen gedachten, gevoelens en ervaringen. Maar ondertussen dekken we ons in, niet alleen tegen onze naaste, maar ook tegen God. Als Hij vraagt: “Waar ben je?” (Gen.3,9), geven we antwoord vanachter het web dat we geweven hebben. Het spinnenweb is niet alleen een broos huis, maar ook een eenzaam huis. Want het web hangt er nog als de bewoner al niet meer leeft. Een dichter zei het zo:

Je had iets aan de heg staan te verschikken:
ik haalde de herfstdraden uit je haar,
en wist: dit is éen van die ogenblikken
die ik in mijn herinnering bewaar,
tegen de tijd
Maar straks, als wij al weg
zijn en geen weet meer van ons tweeën hebben,
straks rukt wellicht in deze zelfde heg
de wind nog aan dezelfde spinnenwebben.

Een web wordt ouder dan zijn maker. Op de draden die hij eens geweven verzamelt zich stof, vuil, gruis. Spinnenwebben worden stofnesten. Tot God aan het eind van de tijd de ragebol erdoor haalt. Waar blijven wij dan?
Toch zegt het evangelie dat het oordeel over ons leven zich niet voltrekt aan het eind van de tijd, maar zich voltrokken heeft middenin de tijd. Het heeft iets moois dat mensen vroeger aan Jezus moesten denken als ze een spin zagen afdalen aan de draad die hij zelf gesponnen heeft. Want in Jezus is God zelf afgedaald in de wereld die wij met onze gedachten, woorden en daden vervormd hebben tot onze wereld. Onze zonden, ze zijn met Jezus al veroordeeld. Ons dood, hij is met Jezus al begraven. In Jezus’ dood en opstanding heeft God een nieuw begin gemaakt. We hoeven ons gedrag niet langer goed te praten, nu het bloed van Jezus ons reinigt van alle zonde (1Joh.1,7). We hoeven ons niet langer te verdedigen, nu Jezus voor ons pleit (1Joh.2,1). Jezus is onze verbinding met God. Hij heeft een band tussen God en ons gesmeed die sterker is dan alle draden die wij kunnen spinnen. Zoek je houvast daarom niet langer in het beetje goed dat je bij jezelf meent aan te kunnen wijzen, maar grijp je vast aan Jezus, die genoeg goedheid heeft om niet alleen jou, maar ook anderen te rechtvaardigen. Hou ermee op jezelf te rechtvaardigen. Stop ermee jezelf schoon te praten. Want hoe overtuigd je ook mag zijn van je eigen gelijk, het is een spinnenweb waarmee je God en mensen op afstand houdt. Zo hoeft het niet langer. Zo mag het niet langer.

Amen.