Predikant

preken(vrije stof)
preken(catechismus)

Musicus

cv
concertagenda
cds
Composities
Diversen
Contact
Predikant > Preek lezen > Bidden met Jezus
titel : Bidden met Jezus
datum : 30 maart 2008
volledige onderwerp : Zondag 45
Download deze preek.

Preek over HC zondag 45 (GZR, 30-3-08; opnieuw bewerkt voor Den Ham, 30-8-09)

Ps.34:1,2
L Lc.11,1-13
Gez.38
T HC zondag 45
Ps.86:2,3,4
Ps.86:5 (na apostolische geloofsbelijdenis)
Ps.63 (na collecte)

Gemeente van de Here Jezus,

Het verhaal gaat dat Abraham Kuyper, kerkreformator en staatsman, eens aan het begin van de maaltijd een gebed zou uitspreken. Veel gasten hadden naar dat moment uitgekeken. In de meditaties die Kuyper wekelijks schreef in het blad de Heraut hadden ze hem leren kennen als een man die heel innig kon schrijven over hoe goed het hem was nabij God te zijn. Wat een voorrecht om nu eens een blik in de binnenkamer van deze geweldenaar in het Koninkrijk van God te mogen werpen. Maar tot hun verbazing bad hij niet meer dan: “HEERE, zegen deze spijze, om Jezus’ wil. Amen”.

Zou het Jezus’ leerlingen ook niet zo vergaan zijn, toen ze Hem vroegen: “Heer, leer ons bidden”? Ze wisten dat hun leermeester zich geregeld terugtrok op eenzame plaatsen om er te bidden (Lc.5,16). Op dat gebed gebeurden er wonderlijke dingen. Tot twee maal toe had de hemel zich boven Hem geopend en had er uit de hemel een stem geklonken: “Jij bent mijn geliefde Zoon, in jou vind ik mijn vreugde” (Lc.3,22; 9,35). Eenmaal bleek Hij, na met zijn Vader alleen geweest te zijn, zelfs in staat om lopend bij hen te komen, toen hun schip in zwaar weer was gekomen (Mc.6,46). Het leek erop dat Hij geen woord sprak, geen wonder deed, zonder eerst met God gesproken te hebben. Ook de twaalf apostelen had Hij pas aangesteld, na een nacht tot God gebeden te hebben (Lc.6,12). Wat zou het heerlijk zijn als Hij het geheim van zijn gebedsleven nu met hen wilde delen.
Maar zou het gebed waarin Jezus Christus zijn volgelingen voorging hun niet net zo tegengevallen zijn als het gebed waarin Abraham Kuyper zijn volgelingen later zou voorgaan? Zelfs als het gebed waarin Jezus hun voorging voor hén bij nader inzien toch wel een aangename verrassing was, voor ons is het dat allang niet meer. Veel mensen verlangen er naar dat ze echt zouden kunnen bidden, omdat hun gebeden uitgewerkt lijken te zijn, bij God en bij zichzelf. Komt dat daarvan dat ik de goede woorden niet kan vinden? Komt dat daarvan dat ik de goede toon niet kan vinden? “Heer, leer ons bidden”.
Maar is het Onzevader nu het antwoord op die vraag? Dat gebed gebruik je toch alleen als tweede gebed bij het eten? Om, na het vrije gebed dat je voor het eten uitgesproken hebt, niet in herhaling te vallen, als je na de maaltijd nog een keer moet voorgaan in gebed? Het Onzevader, daar val je toch alleen op terug, als je niet zo goed weet hoe je moet bidden en wat je moet bidden? Vooral als je niet gewend bent om hardop met anderen te bidden is het Onzevader een uitkomst. Maar het blijft voor je gevoel een noodoplossing. Bidden met het Onzevader, dat voelt toch een beetje als lopen met een rollator. Het is fijn dat die dingen er zijn, maar je zou willen dat je ze niet nodig had. Want mensen die echt kunnen bidden hebben, hebben die het Onzevader niet achter zich gelaten? We kunnen ons haast niet voorstellen dat Jezus zelf in die nachten dat Hij met zijn Vader alleen was het Onzevader gebeden heeft.
Toch wekt de evangelist Lucas wel de indruk dat het Onzevader op zijn minst een samenvatting is van de gebeden die Jezus zelf tot zijn Vader opzond. Hij schrijft immers: “Eens was Jezus aan het bidden, en toen hij zijn gebed beëindigd had, zei één van zijn leerlingen tegen hem: “Heer, leer ons bidden, zoals ook Johannes (de Doper) het zijn leerlingen geleerd heeft’”. Het verlangen om echt te kunnen bidden komt dus op uit de ontmoeting met een biddende Jezus. Dat ze graag net zo wilden bidden als Jezus zelf blijkt uit het vervolg van hun vraag: “Heer, leer ons bidden, zoals ook Johannes (de Doper) het zijn leerlingen geleerd heeft”. Zoals Johannes de Doper zijn stijl van bidden had, zo zou Jezus toch ook wel zijn persoonlijke stijl van bidden hebben. Dat wilden ze dus graag: bidden zoals Jezus het zelf ook deed. Als wij Jezus zelf even verderop horen zeggen: “Welke vader onder jullie zou zijn kind, als het om een vis vraagt, in plaats van een vis een slang geven? Of een schorpioen, als het om een ei vraagt?”, dan kan het niet anders dan dat Hij ze geeft waar ze om gevraagd hebben. Zoals een vader zijn kind niet afscheept met een slang of een schorpioen, als het vraagt om een vis of een ei, zo scheept Jezus zijn leerlingen niet af met een formuliergebed, als ze Hem vragen hun te leren net zo te bidden als Hij. Als we bidden volgens het Onzevader, haken we dan ook aan bij Jezus’ eigen gebed. Ik vat de preek als volgt voor u samen [ppt]:

Bidden volgens het Onzevader
Dat is: 1. bidden met de Zoon
2. bidden tot de Vader
3. bidden in de Geest

1. [ppt] Volgens de Catechismus is het gebed het voornaamste in de dankbaarheid die God van ons eist. Alleen dat zinnetje uit de Catechismus lijkt al een illustratie te zijn bij de stelling dat het unieke van het christelijk geloof is dat je daarin niet jezelf hoeft te verlossen, maar dat je je moet láten verlossen. Je verlossing gaat dus niet helemáál buiten je om. Zoals de Catechismus zegt: God wil zijn genade en Heilige Geest alleen geven aan hen die van harte en zonder ophouden Hem daarom bidden en daarvoor danken. Maar dan blijft staan dat je niet iets hoeft te doen voor je verlossing, maar er slechts om hoeft te vragen. [ppt] Wij worden behouden, niet door het houden van Gods geboden, maar door het onderhouden van Christus’ gebeden.
Toch kun je de uitspraak dat van alle dingen die God van je eist het gebed het belangrijkste is ook al in de Koran vinden. Want in Soera 29 vers 45 krijgt Mohammed de opdracht: “Draag voor wat aan u is geopenbaard van de Schrift en verricht de salat (het gebed). De salat houdt af van zedeloosheid en het verwerpelijke. En de gedenking van God is waarlijk het gewichtigst”. Niet de jihad (de heilige oorlog), maar de salat is dus het voornaamste stuk van de islam. Allah heeft niets met mensen die wel zijn eer, maar niet zijn aangezicht zoeken. Zij lopen juist het risico te vervallen in zedeloos en verwerpelijk gedrag. Alleen in de dagelijkse omgang met hem bloeit het mensenleven op. Alleen bidders zullen vruchten voortbrengen die aan de onderwerping beantwoorden.
Opmerkelijk is verder dat volgens diezelfde Koran ook Jezus voor dat biddende leven in de wieg gelegd is. Als Maria haar verwanten wijst op haar zoon, reageren zij met: “Hoe zullen wij spreken tot één die een kind in de wieg is?” Dan opent het kindje Jezus echter zijn mond en zegt: “Ik ben Gods dienaar. Hij heeft mij de Schrift gegeven en Hij heeft mij tot profeet gemaakt. Hij heeft mij gezegend waar ik ook ben en Hij heeft mij opgedragen de salat (het gebed) en de zakat (het geven van aalmoezen aan de armen), zolang ik in leven blijf” (Soera 19:30,31). Ook volgens de Koran is Jezus dus onze hoogste profeet en leraar, juist door ons voor te gaan in gebed.
Toch is er ook belangrijk verschil tussen de Koran en de Bijbel. Want in diezelfde Soera als waarin de legende verteld wordt dat Jezus al in de wieg gepraat zou hebben valt te lezen: “Niet is het aan God dat Hij zich een zoon zou nemen. Lofprijzing aan Hem! Wanneer Hij besloten is een zaak te beschikken zegt Hij slechts tot deze: Word! En zij word”. Daar bedoelt de Koran mee: God hoeft geen Zoon op aarde te zetten om de zonden te kunnen vergeven. Dat kan Hij zó wel.
Laten we eerlijk zijn, broeders en zusters, de Koran zegt hardop wat we zelf ook wel eens denken. Kan God ons werkelijk alleen de zonden vergeven als zijn eigen Zoon de straf voor die zonden draagt? Als Hij zegt: “Uw zonden zijn u vergeven”, dan zij ze ons toch vergeven? Want Hij spreekt en het is er, Hij gebiedt en het staat er. Dat staat toch niet alleen in de Koran, maar ook in de Bijbel (Ps.33,9)? Als dat zo zou zijn, dan zou Jezus ons alleen maar geleerd hebben hoe makkelijk je God eigenlijk tevreden kunt stellen. Je hoeft er niet eens wat voor te doen, je hoeft er alleen maar om te vragen. Zo denken niet alleen veel jonge moslims, maar ook veel jonge christenen er over. Hoe kom je van je zonden af? Door om vergeving te vragen.
Maar als het zo gemakkelijk zou zijn, waarom vragen Jezus’ leerlingen dan: “Heer, leer ons bidden”? Als het contact met God zo eenvoudig hersteld kan worden, waarom lopen zoveel mensen dan rond met het gevoel dat ze maar geen contact met God kunnen krijgen? Als bidden zo makkelijk is, waarom is het dan zo moeilijk?
In tegenstelling tot de Koran van Mohammed neemt het evangelie van Jezus Christus die vraag wél serieus. [ppt] Met God krijg je niet zomaar contact. Want zoals Jezus zelf zegt: “Ik ben de weg, de waarheid en het leven. Niemand kan bij de Vader komen dan door mij” (Joh.14,6). Er zijn misschien vele wegen die naar Rome leiden, maar er zijn niet vele wegen die naar God leiden. Sterker nog, eigenlijk zegt Jezus dat er helemaal geen weg is van beneden naar boven, van de aarde naar de hemel, van de mensen naar God. Want de weg die Hij wijst is helemaal geen weg, maar een persoon. Een weg die ergens heen leidt moet je zelf nemen, maar als een persoon die weg is, moet je je door hem láten meenemen. Jezus zegt in dat bekende woord dat Hij de weg is dan ook veel meer dan dat de weg naar God via Hem loopt. Want als een weg van A naar B via C loopt, kom je behouden aan zodra je C voorbij bent. Maar Jezus zegt dat je níet behouden aankomt zodra je Hem voorbij bent.
Wij kunnen dan ook niet om Jezus heen bidden. Onze gebeden moeten zijn gebeden zijn en zijn gebeden moeten onze gebeden zijn. Ze moeten steeds meer naar elkaar toegroeien, steeds meer met elkaar verstrengeld raken, steeds meer in elkaar opgaan: zijn gemis en ons gemis, zijn geluk en ons geluk. De vraag: “Heer, leer ons bidden”, is dan ook niet een vraag die alleen gesteld hoeft te worden door mensen die Hem nog niet als hun Verlosser beleden hebben. Juist mensen die allang belijdenis van hun geloof in Jezus als de weg, de waarheid en het leven gedaan hebben moeten ervoor waken dat ze zich in hun gebeden niet van Jezus verwijderen [ppt].
Kijk dan ook niet neer op broeders en zusters die, als ze hardop bidden, het Onzevader maar gebruiken. Stel uzelf eerder de vraag of uw vrije gebeden nog wel enige overeenkomst vertonen met het gebed waarin Jezus u voorgaat. Zijn de dingen waar Hij voor bidt ook de dingen waar u voor bidt? Hunkert u naar dezelfde dingen als Jezus? Staan Gods naam, Gods rijk, Gods wil bij u net zo hoog in het vaandel als bij Jezus? Zijn de dingen die u voor uw lichaam en uw ziel nodig denkt te hebben ook de dingen die Jezus voor zijn lichaam en zijn ziel nodig wist te hebben?
“Heer, leer ook ons bidden”. Want hoe zul je spreken met je Vader, als je een andere taal spreekt dan zijn Zoon?

2. [ppt] Bidden volgens het Onzevader, dat is dus in de eerste plaats bidden met de Zoon, maar in de twee plaats bidden tot de Vader. Je zou zeggen dat dit punt kort kan blijven. Want voor mensen die geleerd hebben zichzelf kind van God te mogen noemen spreekt het vanzelf dat ze God dus hun Vader noemen. Velen van u zullen echter wel weten dat onder de vele namen waarmee moslims God eren de vadernaam ontbreekt. Als je in gesprek raakt met een moslim, zul je daar dan ook graag over beginnen: “Jouw God is een rechter, mijn God is een vader. Jouw God is ver weg, mijn God is dichtbij. Jouw God straft, mijn God zorgt”. Ik heb dat zelf in een gesprek met een moslim ook wel eens gedaan. Toen hij tegen me zei: “God heeft geen Zoon”, antwoordde ik: “Als Hij geen Zoon heeft, is Hij dus ook geen Vader”. Toen was het stil. Ik voelde iets van trots dat ik dat punt dan toch maar gescoord had. En nog steeds ben ik trots op een God aan wie ik alles mag vragen wat ik voor lichaam en ziel nodig heb. Zo eenvoudig staat het in zondag 45 van de Catechismus, vraag en antwoord 118.
Wat een verschil met de manier waarop moslims hun gebedsverplichting in moeten vullen. De islam kent wel zoiets al een vrij gebed, de zgn. doe’a, maar dat heeft geen enkele waarde, als het niet ingebed is in het stramien van de salat. Voor veel moslims wordt bidden dan ook niet meer dan een ritueel waarvan tijden, houdingen en woorden al helemaal vast liggen. Ik heb in mijn vorige gemeente een paar keer het voorrecht gehad dat ik een mensen mocht dopen die zich van de islam tot het christelijke geloof bekeerd hadden. Voor hen was het vooral een openbaring [ppt] dat je op elk moment van de dag tot God kunt spreken: veel vaker dan die vijf keer per dag; dat je in elke houding tot God kunt spreken: niet alleen als je op je knieën ligt, maar zelfs als je over de markt loopt; dat je in je eigen woorden aan God kunt vertellen wat je nodig hebt en waarvoor je Hem dankbaar bent.
Toch, dat je op elk moment tot God mag spreken, betekent dat [ppt] dat je dus geen vaste gebedstijden meer nodig hebt? Dat je in elke houding tot God mag spreken, betekent dat dat je dus niet meer hoeft te knielen? Dat je in je eigen woorden tot God mag spreken, betekent dat je een stramien als het Onzevader niet meer nodig hebt? Ons persoonlijke gebed moet niet verstarren tot een ritueel. Maar de Heidelbergse Catechismus zegt terecht dat wij God alles mogen vragen wat wij voor lichaam en ziel nodig hebben, “zoals de Here Christus dat samenvatte in het gebed dat Hij zelf ons geleerd heeft”. Door te bidden om de heiliging van God naam, de komst van zijn koninkrijk, het geschieden van zijn wil, de gave van ons dagelijks brood, de vergeving van onze schulden en de verlossing van de boze, vragen we juist om alles wat wij voor lichaam en ziel nodig hebben. Wie zijn eigen naam, zijn eigen toekomst, zijn eigen wil ondergeschikt maakt aan Gods naam, toekomst en wil, die komt juist op één lijn met de God die zijn eigen naam, zijn eigen toekomst en zijn eigen wil verbonden heeft aan die van ons. Door God God te laten zijn word je zelf weer mens. Door God Vader te laten zijn word je zelf weer kind. [ppt]
De Here Jezus heeft met het Onzevader niet een verbod op de vrijheid van meningsuiting gesteld. We mogen echt alles aan God voorleggen waarvan wij denken dat we het voor lichaam of ziel nodig hebben. Maar wie bidt zoals Jezus het ons geleerd heeft, die leert ook dat Gods meningen vaak niet onze meningen zijn en dat dat maar goed is ook.
Ik voel dat het sterkst bij die bede: vergeef ons onze schulden, gelijk ook wij vergeven onze schuldenaren. Dat Jezus zelf ons in dat gebed voorgegaan is! Maar Hij hoefde toch helemaal niet te bidden om de vergeving van zijn eigen zonden? Nee, maar juist daaruit blijkt hoezeer Hij zich vereenzelvigd heeft met ons. Toen ik me dat realiseerde ging dat voor mij overbekende woord van de apostel Paulus pas echt spreken: “God heeft hem die de zonde niet kende voor ons één gemaakt met de zonde, zodat wij door hem rechtvaardig voor God zouden worden” (2Kor.5,21). Nooit heeft het meervoud van de vijfde bede me meer ontroerd dan toen ik dit ontdekte. Niet: “Vergeef mij mijn schulden”, maar: “vergeef ons onze schulden”. Als ik dat bid, bid ik dus met Jezus mee. Zoals Hij door dit te bidden mijn naaste wordt, zo word ik die gebukt ga onder mijn zonden door dit te bidden naaste van hen die gebukt gaan onder hun zonden. Dan leef ik ineens niet meer voor mezelf, maar voor anderen. Zo ga ik op zijn Zoon lijken, zo word ik steeds meer een kind van zijn God en mijn God, van zijn vader en mijn Vader, die onze Vader blijkt te zijn.

3. [ppt] Daarmee ben ik al bij het derde punt van de preek gekomen. Bidden volgens het Onzevader is niet alleen bidden met de Zoon en tot de Vader, maar ook bidden in de Geest. Maar dan wel de Geest van Jezus.
Misschien voelde ook u ergens diep van binnen wel een stukje teleurstelling toen u Jezus tijdens onze schriftlezing hoorde zeggen: “Als jullie dus, ook al zijn jullie slecht, je kinderen al goede gaven schenken, [ppt] hoeveel te meer zal de Vader in de hemel dan niet de heilige Geest geven aan wie hem daarom vragen”. Jezus zegt wel: “Vraag en er zal je gegeven worden, zoek en je zult vinden, klop en er zal voor je worden opengedaan”, maar blijkbaar geldt dat alleen als je bidt om de Heilige Geest.
Toch hoeft u daar niet teleurgesteld over te zijn, mijn broeder, mijn zuster. Want wie biddend steeds meer één wordt met Jezus, die zal merken dat Hij geen woord teveel gezegd heeft, toen Hij zei: “Vraag en er zal je gegeven worden, zoek en je zult vinden, klop en er zal voor je worden opengedaan”. Het geheim van de heilige Geest begint zich in je leven te voltrekken, waarvan Jezus zelf een tipje van de sluier heeft opgelicht, toen Hij zei: “Wanneer iemand mij liefheeft zal hij zich houden aan wat ik zeg en mijn Vader en ik zullen bij hem komen en bij hem wonen” (Joh.14,23). Dan valt er zoveel weg. De drie-enige God komt bij jou thuis. Wat wil je dan nog meer?

Amen.